Atheïsme is de afwezigheid van geloof in een of meer goden. Het begrip kent meerdere, elkaar soms overlappende, soms uitsluitende betekenissen, maar deze definitie geeft het een wetenschappelijke bruikbaarheid als overkoepelend begrip.[1] Deze ruime definitie sluit aan bij de Griekse herkomst van het woord atheïsme - a- (zonder) en theos (god) - en overkoepelt zowel het agnosticisme als de nadrukkelijke verwerping van iedere vorm van religiositeit, zowel de overtuiging dat er onvoldoende bewijsmateriaal is om tot de aanname of afwijzing van een godheid te kunnen komen, als de overtuiging dat de wetenschap heeft bewezen dat er geen god bestaat of kan bestaan, zowel sterke (of positieve) als zwakke (of negatieve) vormen van atheïsme, zowel de opvatting dat het godsbegrip geen waarde of betekenis toekomt als de opvatting dat het godsbegrip nuttig kan zijn voor onontwikkelden, zowel de opvatting dat godsdienst slechts de wetenschap hindert als de opvatting dat de godsdienst altijd leidt tot persoonlijke en/of maatschappelijke ellende. De gegeven definitie omvat kortom alle ongeloofsposities van het spectrum dat aan de ene zijde wordt begrensd door louter intellectueel niet-weten en aan de andere zijde door politiek-maatschappelijke bestrijding van de godsdienst en werving voor het atheïsme.

Dit artikel gaat over de afwezigheid van geloof in een of meer goden. Zie Atheist (band) voor de metalband
Table info: ...
Deel van een serie artikelen over de
Godsdienstfilosofie

Portaal   Filosofie

Close

Het algemeen spraakgebruik gaat over het algemeen een stap verder dan de ruime definitie en verstaat onder atheïsme niet alleen de afwezigheid van enige vorm van godsgeloof, maar ook de actieve verwerping (niet noodzakelijk tevens de bestrijding) ervan. In de gegeven (ruime) definitie is met afwezigheid geen negatief oordeel of gebrek geïmpliceerd.