Ondervoeding treedt op bij personen of dieren met een tekort aan essentiële voedingsstoffen of/en een tekort aan joules en voedingsstoffen. Voedsel is noodzakelijk voor de instandhouding van het lichaam en levert energie voor het verrichten van arbeid. Ondervoeding kan ook optreden bij een tekort aan essentiële proteïnes, vitamines en mineralen, dit kan tot ernstige gezondheidsproblemen leiden.

Ondervoede Amerikaan uit een Japans krijgsgevangenkamp (1945).

Bij patiënten kan ondervoeding leiden tot extreme vermagering. Volwassenen kunnen 50% van hun lichaamsgewicht verliezen zonder in direct levensgevaar te komen. Bij kinderen ligt dit percentage nog hoger. In ernstige gevallen leidt ondervoeding tot de dood.

In Nederland komt ondervoeding vooral voor bij de bejaarde bevolking. De oorzaken zijn vaak slikproblemen en het verlies van eetlust, waardoor de patiënt te weinig voedsel binnenkrijgt. Juist bij ziekte en in periode van herstel heeft het lichaam vaak meer voeding nodig dan normaal. Doordat een patiënt bij ziekte minder eet of meer energie verbruikt, kan hij of zij ongewild gewicht verliezen. Het lichaam ontvangt dan niet de juiste voeding, die het bij ziekte vaak extra nodig heeft.

10 % van de thuiswonende 80-plussers en 50% van de 80-plussers die in een ziekenhuis of tehuis verblijven worden erdoor getroffen. Ondervoeding heeft bij ouderen al snel dramatische, zo niet dodelijke gevolgen.