Wereldbeker voetbal voor clubteams - Wikiwand
For faster navigation, this Iframe is preloading the Wikiwand page for Wereldbeker voetbal voor clubteams.

Wereldbeker voetbal voor clubteams

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Wereldbeker voetbal
Land
 Japan (vanaf 1980)
Regio Europa / Zuid-Amerika
Bond UEFA / CONMEBOL
Opgericht 1960, 1980 (in zijn laatste opzet)
Opgeheven 2004
Aantal teams 2
Recordkampioen
Peñarol
Nacional
AC Milan
Real Madrid
Boca Juniors (3 titels)
Portaal 
 
Voetbal

De wereldbeker voetbal voor clubteams (Engels: Intercontinental Cup) werd van 1960 tot 2004 bijna elk jaar gespeeld tussen de kampioen van Europa (de winnaar van de Europacup I en later UEFA Champions League) en de kampioen van Zuid-Amerika (de winnaar van de Copa Libertadores) onder de naam European-South American Cup of EUSA Cup. Het werd gespeeld door vertegenwoordigers van clubs van de meeste ontwikkelde continenten in de voetbalwereld (vooral in die jaren); de winnaars werden erkend als de de facto wereldkampioen. Hier kwam op 27 oktober 2017 echter verandering in nadat de FIFA aankondigde de winnaars van de wereldbeker als officiële (de jure) wereldkampioenen te erkennen, met dezelfde status/titel als de winnaars van het wereldkampioenschap voetbal voor clubs (FIFA-wereldkampioen).[1]

Het idee voor de wereldbeker was afkomstig van Henri Delaunay. Hij stelde de wedstrijd tussen de beide continentale bekerwinnaars voor, zodat de clubs uit de twee belangrijkste voetbalcontinenten, Europa en Zuid-Amerika, konden beslissen wie de beste club van de wereld was. Er was wel al een dergelijk toernooi, de Pequeña Copa del Mundo, maar dit toernooi dat sinds 1952 werd gehouden stond los van de Europese voetbalbond UEFA en de Zuid-Amerikaanse voetbalbond CONMEBOL. Waar de Europese Europacup I al bestond, was er nog geen tegenhanger in Zuid-Amerika, waarop de Copa Libertadores door de CONMEBOL in het leven werd geroepen, zodat de strijd om de wereldbeker mogelijk was.

Oorspronkelijk bestond de strijd om de wereldbeker uit een uit- en thuisduel. Tot 1968 werd er een derde duel gespeeld indien nodig, daarna werd er via strafschoppen beslist. Door de extreem gewelddadige finale van 1969 waarin de spelers van Estudiantes de spelers van Milan bewust fysiek verwondden, lieten sommige Europese ploegen de beker in de jaren zeventig links liggen.

Vanaf 1980 bestond de strijd om de wereldbeker uit een enkele wedstrijd in Tokio, waarna de beker naar sponsor Toyota de naam Toyota Cup kreeg. Zodoende leverde dat bij winst, naast de originele wereldbeker, een tweede beker op.

Einde wereldbeker

In 2005 werd de wereldbeker vervangen door het wereldkampioenschap voetbal voor clubs, waaraan naast de winnaars van de UEFA Champions League en CONMEBOL Libertadores ook de kampioenen van de overige werelddelen Noord/Midden-Amerika, Oceanië, Azië en Afrika deelnemen. De opzet is gewijzigd in een achtdaags toernooi. De winnaars uit Europa en Zuid-Amerika hoeven pas in de halve finale in actie te komen. Het Portugese FC Porto zou in 2004 uiteindelijk als laatste club de wereldbeker in ontvangst nemen.

Overzicht per jaar

Van 1960 tot en met 1968 werden de wedstrijden op punten beslist (twee punten voor gewonnen wedstrijd), bij een gelijke stand volgde een derde wedstrijd. Van 1969 tot en met 1979 werden de wedstrijden op score beslist (totaal van beide wedstrijden), bij een gelijke stand volgden strafschoppen. Vanaf 1980 met de sponsornaam Toyota Cup werd het toernooi gehouden in Tokio. De edities van 2002, 2003, 2004 werden gehouden in Yokohama.

Jaar Winnaar Totaalscore Finalist Eerste wedstrijd Tweede wedstrijd Info
1960
Real Madrid
3–1 punten
Peñarol
0–0 1–5
1961
Peñarol
4–2 punten
Benfica
1–0 5–0 BW 2–1 < (
Montevideo)
1962
Santos
4–0 punten
Benfica
3–2 2–5
1963
Santos
4–2 punten
AC Milan
4–2 4–2 BW 1–0 < (
Rio de Janeiro)
1964
Internazionale
4–2 punten
Independiente
1–0 2–0 BW 1–0 na verlenging < (
Madrid)
1965
Internazionale
3–1 punten
Independiente
3–0 0–0
1966
Peñarol
4–0 punten
Real Madrid
2-0 0–2
1967
Racing Club
4–2 punten
Celtic
1–0 2–1 BW 1–0 < (
Montevideo)
1968
Estudiantes
3–1 punten
Manchester United
1–0 1–1
1969
AC Milan
4–2
Estudiantes
3–0 2–1
1970
Feyenoord
3–2
Estudiantes
2–2 1–0
1971
Nacional
3–2
Panathinaikos
1–1 2–1 Panathinaikos in plaats van
Ajax
1972
Ajax
4–1
Independiente
1–1 3–0
1973
Independiente
1–0
Juventus
0–1 < (
Rome)
Juventus in plaats van
Ajax
1974
Atlético Madrid
2–1
Independiente
1–0 2–0 Atlético Madrid in plaats van
Bayern München
1975 Niet gespeeld:
Bayern München en
Independiente konden geen speeldata overeenkomen
1976
Bayern München
2–0
Cruzeiro
2–0 0–0
1977
Boca Juniors
5–2
Borussia Mönchengladbach
2–2 0–3 Borussia Mönchengladbach in plaats van
Liverpool
1978 Niet gespeeld:
Boca Juniors en
Liverpool, maar Liverpool wilde niet spelen.
1979
Olimpia
3–1
Malmö FF
0–1 2–1 Malmö FF in plaats van
Nottingham Forest
1980
Nacional
1–0
Nottingham Forest
1–0 < (
Tokio)
1981
Flamengo
3–0
Liverpool
0–3
1982
Peñarol
2–0
Aston Villa
2–0
1983
Grêmio
2–1 na verlenging
Hamburger SV
1–2 na verlenging
1984
Independiente
1–0
Liverpool
0–1
1985
Juventus
2–2 na strafschoppen (4–2)
Argentinos Juniors
2–2 na verlenging (4–2 na strafschoppen)
1986
River Plate
1–0
Steaua Boekarest
1–0
1987
FC Porto
2–1 na verlenging
Peñarol
2–1 na verlenging
1988
Nacional
2–2 na strafschoppen (7–6)
PSV
2–2 na verlenging 6–7 na strafschoppen)
1989
AC Milan
1–0 na verlenging
Atlético Nacional
1-0 na verlenging
1990
AC Milan
3–0
Olimpia
3–0
1991
Rode Ster Belgrado
3–0
Colo-Colo
3–0
1992
São Paulo
2–1
FC Barcelona
1–2
1993
São Paulo
3–2
AC Milan
2–3 < (
Tokio)
AC Milan in plaats van
Olympique Marseille (uitgesloten)
1994
Vélez Sarsfield
2–0
AC Milan
0–2 < (
Tokio)
1995
Ajax
0–0 na strafschoppen (4–3)
Grêmio
0–0 na verlenging (4–3 strafschoppen)
1996
Juventus
1–0
River Plate
1–0
1997
Borussia Dortmund
2–0
Cruzeiro
2–0
1998
Real Madrid
2–1
Vasco da Gama
2–1
1999
Manchester United
1–0
Palmeiras
1–0
2000
Boca Juniors
2–1
Real Madrid
1–2
2001
Bayern München
1–0 na verlenging
Boca Juniors
1–0 na verlenging
2002
Real Madrid
2–0
Olimpia
2–0 < (
Yokohama)
2003
Boca Juniors
1–1 na strafschoppen (3–1)
AC Milan
1–1 na verlenging (1–3 na strafschoppen)
2004
FC Porto
0–0 na strafschoppen (8–7)
Once Caldas
0–0 na verlenging (8–7 na strafschoppen)

Zie voor de uitslagen vanaf 2005 het Wereldkampioenschap voetbal voor clubs.

Statistieken

Gewonnen bekers per club

Aantal Club in:
3
Peñarol
1961, 1966, 1982
Nacional
1971, 1980, 1988
AC Milan
1969, 1989, 1990
Real Madrid
1960, 1998, 2002
Boca Juniors
1977, 2000, 2003
2
Santos
1962, 1963
Internazionale
1964, 1965
Independiente
1973, 1984
São Paulo
1992, 1993
Ajax
1972, 1995
Juventus
1985, 1996
Bayern München
1976, 2001
FC Porto
1987, 2004
1
Racing Club
1967
Estudiantes
1968
Feyenoord
1970
Atlético Madrid
1974
Olimpia
1979
Flamengo
1981
Grêmio
1983
River Plate
1986
Rode Ster Belgrado
1991
Vélez Sarsfield
1994
Borussia Dortmund
1997
Manchester United
1999

Gewonnen bekers per land

In de volgende tabel staat het aantal gewonnen bekers per land. In de tabel staat in de kolom #clubs het aantal clubs dat voor deze bekers verantwoordelijk was.

Aantal Land # clubs in:
9
 Argentinië
6 1967, 1968, 1973, 1977, 1984, 1986, 1994, 2000, 2003
7
 Italië
3 1964, 1965, 1969, 1985, 1989, 1990, 1996
6
 Uruguay
2 1961, 1966, 1971, 1980, 1982, 1988
 Brazilië
4 1962, 1963, 1981, 1983, 1992, 1993
4
 Spanje
2 1960, 1974, 1998, 2002
3
 Nederland
2 1970, 1972, 1995
(West-)Duitsland
2 1976, 1997, 2001
2
 Portugal
1 1987, 2004
1
 Paraguay
1 1979
 Joegoslavië
1 1991
Engeland
1 1999

Gewonnen bekers per werelddeel

Aantal Continent Landen Clubs
22 Zuid-Amerika 4 13
21 Europa 7 12

Zie ook

{{bottomLinkPreText}} {{bottomLinkText}}
Wereldbeker voetbal voor clubteams
Listen to this article