Plato's theologie

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Onder Plato's theologie verstaat men zijn beredeneerde onderbouwing van een staatsgodsdienst, zoals beschreven in boek 10 van zijn late werk, de Wetten. Hierin wordt een parallel getrokken tussen de menselijke ziel en een 'wereldziel': Plato poogt 'materialistische' wereld verklaringen tegen te gaan door een bezield universum te schetsen, en tegelijk het morele relativisme van de Sofisten te vervangen door een van nature gegeven morele/religieuze orde.

Bij het onderstaande dient men zich te realiseren dat het Griekse woord theos niet dezelfde lading heeft als het woord 'God' in een monotheïstische context. 'God' en 'goddelijk' worden in het klassiek Grieks vaak gebruikt om aan te geven dat een bepaalde zaak 'verheven' is, boven het gewone, menselijke, uitstekend[1]. Het duidt ook niet noodzakelijkerwijs een 'persoonlijke' God aan; Plato spreekt zonder onderscheid de ene keer over 'God', de andere keer over 'de goden'.