Top Qs
Tijdlijn
Chat
Perspectief
Sudetenland
naam die van 1918 tot 1945 werd gebruikt voor een regio die in meerderheid werd bewoond door Duitstaligen Van Wikipedia, de vrije encyclopedie
Remove ads
Sudetenland (Tsjechisch en Slowaaks: Sudety; Pools: Kraj Sudetów), vernoemd naar het Sudetengebergte, is een overwegend na 1918 gebruikte benaming voor een regio in het huidige Tsjechië - toentertijd Tsjecho-Slowakije - waar zich sinds de middeleeuwen Duitstaligen hadden gevestigd.[1] Men ging deze groep Sudeten-Duitsers noemen. Deze benaming had een geo-politieke achtergrond. Het in 1878 opgerichte Duitse Rijk wilde zo grondgebieden die buiten hun heerschappij vielen, verduitsen of germaniseren, om er invloed te krijgen, of als rechtvaardiging om er later militair binnen te kunnen trekken.

■ Tsjechisch
■ Duits
■ Slowaaks
■ Pools
■ Hongaars
In het gebied liggen onder andere de steden Cheb of Eger, Karlovy Vary of Karlsbad, České Budějovice of Budweis, Mariánské Lázně of Mariënbad, Ústí nad Labem of Aussig an der Elbe, en Liberec of Reichenberg. Zie verder de lijst van Duitse namen van plaatsen in Tsjechië.
Remove ads
Uiteenvallen van Oostenrijk-Hongarije
Samenvatten
Perspectief
Vanaf de 15e eeuw tot 1918 maakte het gebied achtereenvolgens deel uit van Oostenrijk en de Oostenrijks-Hongaarse dubbelmonarchie, een veelvolkerenstaat waartoe onder andere Duitsers, Hongaren, Tsjechen, Slowaken, Polen, Kroaten en Roemenen behoorden. Na het uiteenvallen van de dubbelmonarchie Oostenrijk-Hongarije werd het deze volkeren toegestaan om staten naar min of meer etnische grenzen te vormen. Soms werden grote aantallen mensen, behorende tot een ander volk dan het staatsvolk, bij zo'n nieuwe nationale staat inbegrepen, waarin zij vervolgens een nationale minderheid vormden. Dit gold vooral voor Duitstalige Oostenrijkers en Hongaren.
Het verdrag van Saint-Germain van 10 september 1919, was een van de verdragen die werden gesloten tussen de overwinnaars en de verliezers van de Eerste Wereldoorlog, met daarin de vredesvoorwaarden. In dit verdrag werden zowel het Tsjechisch- als het Duitstalige gebied van de twee kroonlanden, Bohemen en Moravië, bij de nieuwe republiek Tsjecho-Slowakije gevoegd. De Duitstaligen maakten hierin een minderheid uit van circa drie miljoen mensen.
Duitstalige Oostenrijkers riepen op 21 oktober 1918 de republiek Duits-Oostenrijk uit. Hiervan wilden ook Duitstalige gebieden in de Habsburgse kroonlanden Bohemen, Moravië en Zuid-Tirol deel uitmaken. Tsjecho-Slowakije verklaarde zich op 28 oktober 1918 onafhankelijk, en om te voorkomen dat de Duitstaligen in de genoemde twee kroonlanden zich zouden aansluiten bij Duitsland of Oostenrijk, bezetten Tsjechische nationale milities in november 1918 deze Duitstalige gebieden. Toen de Duitstaligen in de kroonlanden Bohemen en Moravië stemlokalen inrichtten voor de eerste naoorlogse Oostenrijkse verkiezingen, werden deze met geweld door de Tsjechische milities gesloten, en protest daartegen werd gewelddadig onderdrukt ten koste van tientallen doden. Een voorstel om een deel - het Egerland - van het Sudetenland dat als extreem nationaal-Duits gezind bekend stond, af te scheiden en aan Duitsland toe te wijzen, opdat de kracht van het verzet zou afnemen, werd uiteindelijk niet in het vredesverdrag opgenomen.
Deze zogenaamde etnische of Volksduitsers, in dit artikel Sudeten-Duitsers genoemd, verloren hun minderheidstaalrechten in het Tsjechische taalgebied, maar behielden dit in hun eigen taalgebied. Ze moesten daar wel, door de toenemende instroom van Tsjechen, steeds meer ruimte bieden aan het gebruik van het Tsjechisch. De toename van het aantal Tsjechen in Sudeten-Duits gebied kwam door de instroom van ambtenaren en militairen, maar ook door de vestiging van boeren op voormalig, door de staat onteigend, Duits grootgrondbezit. De Tsjechen kregen eigen Tsjechische scholen toegewezen. Veel voorheen uitsluitend Duitstalige gemeenten kregen nu een tweetalig statuut, en veel eentalig-Duitssprekende ambtenaren moesten hun plaats aan tweetalige Tsjechen afstaan. Het aanvankelijke aantal van 82.000 Tsjechen in het Sudetenland, nam tot 1935 toe met 237.000.[bron?]
De economische crisis van 1930 trof de regio Sudetenland onevenredig hard, door haar hoge graad van industrialisatie. Bij de inkrimping en sluiting van bedrijven werden verhoudingsgewijs ongeveer tweemaal zoveel Duitsers als Tsjechen door werkloosheid getroffen.[bron?] De oorlogsindustrie in nazi-Duitsland bood daarentegen na 1933 aan Sudeten-Duitse vakmensen volop werk. Velen van hen werden grensarbeider en werden in Duitsland het doelwit van nazistische propaganda. Dit legde een basis voor de opkomst van de Sudeten-Duitse Partij (SdP) onder Konrad Henlein, die eerst steun zocht bij de NSDAP in Duitsland en vervolgens aansluiting bij Duitsland nastreefde. De Sudeten-Duitse christendemocratische, sociaaldemocratische en boerenpartijen waren begonnen om zich coöperatief op te stellen in het Tsjechische landsbestuur, maar de economische crisis verlamde hun opstelling en gaf voedsel aan het Duits-nationalistisch radicalisme van Henlein. In 1936 vonden in Tsjechië de laatste vrije verkiezingen plaats, die overigens door agressieve propaganda sterk werden beïnvloed. De SdP haalde twee derde van de uitgebrachte stemmen in de Sudeten-Duitse districten.

Remove ads
Tweede Wereldoorlog
Samenvatten
Perspectief
Adolf Hitler had deze regio al lang in het vizier, binnen zijn geo-politieke strategie "Heim ins Reich". Na het bewerkstelligen van de Anschluss van Oostenrijk in 1938, was de regio Sudetenland voor hem een tweede testcase om de weerstand van de Europese grote mogendheden te beproeven. Op de Conferentie van München in 1938, waar Europese leiders de toekomst van Europa bespraken, kondigde Adolf Hitler zijn annexatie van Tsjechoslowakije aan. Bovendien sloot Hitler met Josef Stalin het Molotov-Ribbentroppact, een niet-aanvalsverdrag, met daaraan toegevoegd een programma voor de etnische zuivering van gebieden die mogelijk onder controle van de Sovjet-Unie zouden komen.[2][3]
Militair-economisch was het gebied voor Duitsland van groot belang, door zijn mijnen met belangrijke delfstoffen voor de oorlogsproductie. De Tsjechische provincies vormden een grote enclave, die aan drie zijden was omgeven door Duitsland en Oostenrijk. Zij waren al in de Oostenrijkse tijd industrieel sterk ontwikkeld en beschikten nu ook over een modern leger, maar dat had zijn verdedigingslinie aan de staatsgrenzen geïnstalleerd - dus juist in het Sudetenland. De industrie in het Sudetenland sloot aan bij die van Duitsland en kon de Duitse herbewapening goed dienen. Mogelijk was ook het voorkomen van de grondstof uranium van betekenis.[4] De tegenstellingen liepen steeds hoger op en werden vanuit Duitsland met geld en knokploegen aangewakkerd.

Nadat de situatie door de Tsjechoslowaakse autoriteiten niet meer te beheersen bleek, werd op de Conferentie van München in onderhandeling tussen het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk en het Koninkrijk Italië met Hitler toegestaan om met ingang van 10 oktober 1938 die delen van Bohemen en Moravië in bezit te nemen waar de meerderheid van de bevolking uit Duitsers bestond; zulks in ruil voor vredesgaranties. Voor de Volkenbond was de annexatie van het Sudetenland toelaatbaar vanwege het in 1919 bij het Verdrag van Versailles aanvaarde politieke beginsel, dat volkeren het recht hebben een eigen staat op te richten, na de Tweede Wereldoorlog ontwikkeld tot het grondrecht van zelfbeschikking van volken. Het Sudetenland werd voor 95% door van oorsprong etnische Duitsers bewoond.
De geannexeerde gebieden telden 3.630.000 inwoners waarvan 2.900.000 Duitstalig waren en de overigen Tsjechisch- of tweetalig. Antifascisten, Joden en Tsjechen vluchtten naar het voorlopig nog zelfstandige Tsjechië. Wie bleef, en daaronder bevonden zich ook vele tweetaligen, moest het Duitse staatsburgerschap aannemen. De noordelijke en westelijke delen van Sudetenland met 2.940.000 inwoners werden als een aparte Reichsgau geïnstalleerd, terwijl de zuidelijke delen bij de Reichsgau Niederösterreich werden gevoegd. Slowakije mocht zich in maart 1939 afscheiden en de Eerste Slowaakse Republiek tot soevereine staat uitroepen, hoewel het feitelijk een Duitse satellietstaat was. Tegelijkertijd scheidde Karpato-Oekraïne zich onder Hongaarse regie af. Vervolgens werd het restant van Tsjechië door Duitsland bezet en ingericht als het Protectoraat Bohemen en Moravië. Tsjechen die geen Duits staatsburger wilden worden, moesten Sudetenland na de annexatie verlaten. Veel tweetaligen, vaak ook degenen met Duitse en Tsjechische ouders, bleven, maar moesten zich invoegen in het Duitse staatsburgerschap. Het Duitse gezag in het Protectoraat benoemde veel van zijn bezettingsambtenaren uit deze kring van tweetaligen.
Remove ads
Na de Tweede Wereldoorlog
Wikiwand - on
Seamless Wikipedia browsing. On steroids.
Remove ads