Top Qs
Tijdlijn
Chat
Perspectief
Ebionieten
Van Wikipedia, de vrije encyclopedie
Remove ads
De Ebionieten waren een joods-christelijke groepering die tot eind vierde eeuw heeft bestaan. De informatie over de Ebionieten is afkomstig uit de geschriften van een aantal kerkvaders. Die geschriften zijn meestal polemisch van aard, gefragmenteerd en worden in het onderzoek naar de geschiedenis van het christendom vaak onbetrouwbaar geacht. Er is dan ook weinig dat over de Ebionieten met volledige zekerheid te melden is. Wel kan een aantal aspecten van de groepering gereconstrueerd worden op basis van die bronnen alsmede op basis van vergelijking met andere joods-christelijke groeperingen binnen het vroegchristelijk jodendom uit de eerste eeuwen van het christendom.
Remove ads
Etymologie
De naam Ebionieten is gebaseerd op het Hebreeuwse אביונים, ebjonim, "armen". De naam komt waarschijnlijk uit de traditie van joodse vroomheid. Het beeld dat armen een speciale relatie tot God zouden hebben was prominent in de joodse literatuur aanwezig. Vrome joden beschouwden zichzelf als arm en nederig ten opzichte van God. Op het vakgebied is er de aanname dat de Ebionieten ook in materiële zin hadden gekozen voor een bestaan als vrijwillig arm.
Voor zover bekend is er in joodse religieuze geschiedenis verder nog maar één andere groepering die zich zelf als 'de armen' benoemde. Dat was een groepering die beschreven wordt in een commentaar op Psalm 37, onderdeel van de vondst van de Dode Zee-rollen.
De eerste kerkvaders die over de groepering schreven waren zich van deze etymologie bewust. Op vaak polemische toon werden dan termen als 'arm aan intellect' of 'armzalig van geest' voor de Ebionieten gehanteerd. Latere kerkvaders waren zich van deze etymologie niet meer bewust en schreven dat de stichter van de groepering een dwaalleraar met de naam Ebion was geweest. Ebion is duidelijk een niet historische, fictieve figuur geweest.
Remove ads
Christologische opvattingen
Samenvatten
Perspectief
De naam Ebionieten wordt voor het eerst gebruikt in de geschriften van Ireneüs van Lyon (ca. 140 - ca. 202). Hij was de eerste van een reeks kerkvaders die de christologie van de Ebionieten als hun belangrijkste dwaling zag. Hun theologische opvatting kan gekenschetst worden als een vorm van adoptianisme. De kern daarvan is de overtuiging dat God Jezus pas als Zijn zoon adopteerde op het moment van de doop van Jezus. De consequentie daarvan is dat de Ebionieten ook de maagdelijke geboorte van Jezus ontkenden.
Die doop wordt in het zogenaamde evangelie van de Ebionieten als volgt beschreven:
En toen hij (Jezus) uit het water was gekomen, gingen de hemelen open en hij zag de Heilige Geest in de gedaante van een duif. Deze daalde neer en ging bij hem naar binnen. En een stem uit de hemel zei: 'Jij bent mijn geliefde Zoon en in jou vind ik mijn welgevallen'.
Op basis hiervan wordt dit op het vakgebied ook wel geïnterpreteerd als de overtuiging dat de Geest van God bij de doop bezit nam van Jezus en hij tot zijn dood in het bezit bleef van die Geest. Die Geest werd door de Ebionieten Christus genoemd. Die Christus-Geest verliet hem aan het kruis. Een aantal auteurs op het vakgebied is van opvatting, dat deze "Geest- christologie" aanwezig was in de vroegste christelijke gemeenschap in Jeruzalem, onmiddellijk na de dood van Jezus. In die zin zou de christologie van de Ebionieten die opvatting bewaard hebben.
Enkele kerkvaders hebben nog andere christologische opvattingen aan de Ebionieten toegeschreven. Tertullianus (ca.160-230) schreef dat de Ebionieten geloofden dat er een engel in Jezus huisde. Ook Epiphanius van Salamis (ca.315-403) schreef in zijn werk Panarion over die opvatting bij de Ebionieten. Hij schreef dat de Ebionieten na de dood van Ebion beïnvloed zouden zijn door Elchesai, de veronderstelde stichter van de joods-christelijke groepering van de Elchasaieten. In het zogenaamde Boek van Elchesai wordt een reusachtige engel beschreven. De Ebionieten geloofden volgens Epiphanius dat Jezus een engel van eveneens groteske afmetingen was met een hoogte van ruim tweehonderd kilometer en ruim vijftig kilometer breed.
Zowel Ireneüs als Origenes (ca. 185 – 253) meldden dat de Ebionieten Paulus als een afvallige jood veroordeelden. In de groep van de eerste – joodse – volgelingen van Jezus ontstond na zijn dood een verschil van opvatting over de toelating van heidenen. Paulus was van opvatting dat heidenen die tot een christelijke gemeente wilden toetreden niet konden worden verplicht tot de besnijdenis en het onderhouden van de Mozaïsche wet. De Ebionieten hielden zich strikt aan de joodse leefwijze en de wet.
Epiphanius geeft de meeste informatie over de Ebionieten. Hij meldde onder meer dat zij dagelijks rituele wassingen uitvoerden van hun lichaam en voedsel, vegetariërs waren en het celibaat veroordeelden.
Remove ads
Het evangelie van de Ebionieten

Het evangelie van de Ebionieten is een joods-christelijk evangelie dat bestaat uit een aantal evangelieteksten die Epiphanius in de Panarion heeft opgenomen. De term Evangelie van de Ebionieten hanteert Epiphanius nergens. Het zelfde geldt voor andere kerkvaders uit de Late oudheid die ook over de Ebionieten en hun evangelie schreven. Meer in het algemeen waren de kerkvaders van opvatting, dat er slechts één joods-christelijk evangelie bestond. Dat was het evangelie van de Hebreeën dat in meerdere versies voorkwam, maar waarvan de basis een Hebreeuwse versie van het evangelie van Matteüs zou zijn.
Epiphanius was van mening dat de fragmenten een incompleet, vals en verdraaide versie waren van het evangelie van Matteüs dat de Ebionieten zelf als het evangelie van de Hebreeën benoemden. De Franse theoloog Richard Simon (1638-1712) was de eerste die voor deze teksten de term evangelie van de Ebionieten hanteerde. Op het vakgebied is de overheersende opvatting dat de evangelieteksten veel meer op een vorm van een evangeliën-harmonie wijzen die gebaseerd is op de drie synoptische evangeliën.
Herkomst en oorsprong
Wikiwand - on
Seamless Wikipedia browsing. On steroids.
Remove ads