Ozonlaag

laag in de stratosfeer / Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

De ozonlaag of ozonsfeer is een laag in de stratosfeer, tussen ongeveer 15 en 50 kilometer hoogte,[1] waarin relatief veel ozon aanwezig is. De aardatmosfeer beschermt het leven op aarde door een gedeelte van de schadelijke straling die afkomstig is van de zon tegen te houden. Zo wordt het schadelijkste deel van de ultraviolette straling uit zonlicht tegengehouden door de ozonlaag.

Het ozon in de stratosfeer ontstaat doordat zuurstofmoleculen splitsen onder invloed van ultraviolette straling. De splitsingsproducten worden zuurstofradicalen genoemd. Deze radicalen reageren weer met een ander zuurstofmolecuul en vormen zo ozon. Dit ozon absorbeert weer heel makkelijk ultraviolette straling en vormt dan weer zuurstof en een vrij zuurstofradicaal. Het radicaal reageert weer met zuurstof en produceert een nieuw ozonmolecuul. Zodoende blijft dit instabiele molecuul toch in aanzienlijke concentraties aanwezig. De concentratie van het ozon in de stratosfeer is maximaal 10 ppm. Dat is honderd keer zo veel ozon als in inademingslucht aanvaardbaar wordt gevonden.

De blauwe kleur van de ozonlaag is zichtbaar in de schemering, omdat ozon een blauw gas is (geel en oranje licht wordt geabsorbeerd). Tijdens de schemering legt de zonnestraling namelijk een lange weg door de ozonlaag af door de zeer geringe invalshoek.

Op 16 september wordt jaarlijks aandacht besteed aan de ozonlaag tijdens de Internationale dag voor behoud van de Ozonlaag.[2]